Sunlightzeep

AL sinds jaar en dag koop ik – in het bezit van een groot geweten qua milieu – Sunlightzeep, van die lekker ouderwetse harde stukken witte zeep. Het is zeep zonder poeha, zonder parfum dat me zou moeten laten denken aan een frisse Alpenweide. Dat heeft die zeep ook helemaal niet nodig want die ruikt van zichzelf al verrukkelijk.

Er is wel enige voorbereiding nodig voor zo’n was. Ik rasp een stuk van de zeep, los het op in kokend water en giet dat op het wasgoed. Het kost ongeveer twee minuten extra tijd, dus het is geen dagtaak. Ik begrijp dat ik hiermee niet de prijs voor de meest geavanceerde wastechniek zal winnen, maar daar kan ik mee leven.

Het resultaat is niet alleen een stralend witte was (blabla) maar vooral verrukkelijk ruikende lakens, zeker als ze ook nog eens buiten aan de lijn zijn gedroogd. Het inhalen van de Sunlightzeep-was is een van de weinige momenten in mijn leven dat ik mij verzoend voel met het huishoudelijk werk dat onvermijdelijk verbonden is aan dit aardse bestaan.

Toch heeft mijn milieu-geweten een deuk opgelopen. Want wat schetst mijn verbazing toen ik ontdekte dat ook Sunlightzeep sinds kort verpakt is in PLASTIC! Plastic, de vloek van de moderne samenleving, inmiddels al doorgedrongen tot in het zeeijs.

Sunlightzeep is een product van Unilever. (Datzelfde bedrijf dat liever niet wil dat zijn aandeelhouders dividendbelasting moeten betalen, en wat u en ik nu dus moeten ophoesten). Op de website van Unilever staan ontroerende verklaringen over de zorg voor het milieu.

Zoals de belofte afbreekbaar, composteerbaar of recyclebaar plastic te gaan gebruiken. In 2025. Is dat afbreekbare en composteerbare plastic er dan nog niet? Jawel. Maar Unilever geeft zichzelf nog zeven jaar. Gewoon omdat het kan.

Wat was er trouwens mis met de papieren verpakking van weleer? Onlangs kwam Echtgenoot thuis met twee pakken Sunlightzeep van minstens een halve eeuw geleden, gekocht op de rommelmarkt. Het papier zat er nog gewoon omheen.