Tour de France

Ik zal het maar meteen bekennen: ik kijk dezer dagen naar de Tour de France. Het is sport maar ik kijk er toch naar, en dat moet ik de trouwe lezertjes even uitleggen.

Ik ken de Tour al van vroeger, de ganse familie Evink keek ernaar, of in ieder geval het mannelijk deel. Ik keek noodgedwongen mee, stammend uit de tijd van één kleine zwart-wit-tv in de woonkamer. Zonder afstandsbediening, met mijn vader als baas van de aan- en uit-knop, alsmede de zenderknop.
De Tour hoort een beetje bij de zomer, bij vakantietijd. En dat kan ik, met nog vijf weken werken voor de boeg, wel gebruiken.

tour-de-france-244348_640

Ik kijk niet lang, hoogstens een uurtje. Dan ben ik de zwetende lijven, de verbeten koppen en de akelige valpartijen al weer moe. Wat bezielt iemand om met gevaar voor eigen leven van een hoge berg af te roetsjen? Daar ligt er weer een, kreunend op het asfalt. Of hangt er iemand in het prikkeldraad, zoals vorig jaar. Om maar niet te spreken van de malloten die langs de kant van de weg staan. Of er op.

Het commentaar gaat me na een uurtje ook de keel uithangen. Het zijn altijd twee mannen en ze hebben het over zaken als wie er de gele, de groene of de bolletjestrui draagt. Geen idee wanneer iemand daar wel of net niet voor in aanmerking komt. En wat of wie is Sky eigenlijk?

Zo vliegt er allerlei informatie voorbij die ik in de verste verte niet begrijp, maar mijn brein zit zo in elkaar dat het die informatie toch wil begrijpen. Er zijn bijvoorbeeld allerlei soorten ritten, maar de hogere wiskunde daarachter heb ik nog niet ontcijferd. Dat wil ik ook graag zo houden, want anders gaat het te veel tijd kosten. Ik bedenk overigens altijd te laat dat ik het geluid ook op zacht kan zetten…

De echte reden voor mijn kijkgedrag is dat de Tour de France als geen ander tv-programma mij laat zien hoe prachtig Frankrijk wel niet is. Niet alleen de natuur, maar vooral de cultuur. De kerkjes en kerken, de kastelen en abdijen, wat een cultuurschatten!

En dit alles zonder geneuzel over al dan niet goed bevallen B&B’s, over vakantiehuisjes voor verwende Nederlanders die maar niet kunnen kiezen tussen drie onderkomens met alle drie even tenenkrommend want authentiek interieur, of Ik-vertrek-drama’s met lekkende daken en tegenwerkende ambtenaren.

De sport neem ik daarom op de koop toe, want op vakantie naar Frankrijk? No way, veel te heet. Leve de Tour de France, leve Frankrijk!

Meerderheidskabinet

Na lang wikken en wegen besloot ik dit voorjaar toch op de ChristenUnie te stemmen – en wel op Don Ceder – in plaats van op GroenLinks. Jammer dat de partij uiteindelijk toch maar vijf zetels behaalde en niet de gehoopte zes, maar a la, that’s life.

Tot twee maal toe schoof GroenLinks aan de informatietafel, samen met CDA, D66 en VVD maar het werd niks. Jammer vond ik dat, want GroenLinks was wellicht groot genoeg geweest om substantiële invloed uit te oefenen. En nu zit daar de ChristenUnie. En ik houd mijn hart vast.

Slechts vijf zetels hebben en dan denken dat je invloed gaat hebben op het beleid van dat drietal. No way. De achtergrond van de CU kennende, zit er een groot verantwoordelijkheidsgevoel achter hun keuze te gaan praten met de trojka. Natuurlijk, Pechtold overspeelde zijn hand en gooide roet in het eten maar die roetdeeltjes zijn er tijdens een etentje bij de chinees weer zorgvuldig uitgevist. Maar hoe duur gaat de CU haar huid verkopen?

Verkopen ja, want de VVD zit aan tafel, en de lightversie van de VVD: het CDA; en D66 dat zich nota bene links durft te noemen. Links, het mocht wat. Rechtser is D66 in zijn hele geschiedenis nog niet geweest.

Geloof me ChristenUnie, er gaat niets van komen. Niet van jullie sociale paragraaf, niet van jullie vluchtelingenparagraaf, en niet van jullie milieuparagraaf. En het begin is er al, lees ik vandaag in het Algemeen Dagblad: de CU stemde tegen een motie over een strengere bonuswetgeving. Nederland zal nog dieper wegzakken in het neoliberale moeras. Het is onverteerbaar als dat mede gaat gebeuren door een partij waarop ik heb gestemd.

Stembureau_Winterswijk_4Als er straks dankzij jullie, ChristenUnie, een meerderheidskabinet komt, ligt de CU over vier jaar als een uitgeknepen citroen langs de kant van de weg. Kijk maar naar de PvdA. En dat wordt dan mede dankzij mij. Want ik ga natuurlijk niet nog een keer op een partij stemmen die het straks alleen voor elkaar krijgt dat haar een schaamlap in de vorm van een vijgenblad wordt voorgebonden: uitstel van de wet Voltooid Leven.

Vermoeiende feminist

Ik ben een vermoeiende feminist. Althans, dat maak ik op uit de woorden van Mona Keijzer, de CDA-dame die een column heeft in het Nederlands Dagblad. Ik maak mij namelijk druk om roze speelgoedstrijkijzertjes voor meisjes en blauwe speelgoedautootjes voor jongens. Mevrouw Keizer heeft namelijk alleen zoons en die speelden altijd alleen met jongensspeelgoed. Dat is pure casuïstiek maar vooruit, in een column mag het.

Het vreemde is wel dat Keijzer even verderop in haar column schrijft dat het er wel degelijk toe doet wat jongens en meisjes qua rolmodellen voorgeschoteld krijgen. En vervolgens dat het jammer is als – om maar iets te noemen – slechts dertig procent van de talkshowgasten vrouw is.

Ik zou zeggen: je moet ergens beginnen. En waarom dan niet meteen bij het begin, bij het speelgoed? Laat het zo zijn dat 80 procent van de jongens liever met auto’s speelt en hetzelfde percentage meisjes liever met poppen. Is dat alleen aanleg of speelt de omgeving een rol? Minstens beide, lijkt me.

ivanhoe_1Heel lang geleden was ik zelf een meisje. En ik speelde niet met poppen, ik had geen idee wat ermee te doen. Ik speelde wel graag met auto’s, blokken en LEGO. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik ook regelmatig uit de zandbak werd bevrijd door een vriendje in ridderkostuum. Maar het waren dan ook de jaren zestig en Ivanhoe (hij ruste in vrede) was op de televisie.

En over Zoons gesproken, ik heb er ook vijf, net als Mona Keijzer. Inderdaad, eentje schuimde de rommelmarkten af op zoek naar barbiepoppen. Om ze vervolgens aan vuurwerk vast te binden en ze te lanceren. Maar ik had er ook een die uren kon spelen met een serviesje en mij de hele dag door imaginaire kopjes koffie schonk.

Als je inderdaad graag een samenleving wilt die meisjes en vrouwen uitnodigt hun talenten te gebruiken, zoals Keijzer schrijft, dan zet je ze niet vanaf dag 1 op een verkeerd spoor met dociel speelgoed.

Glazen piramide

Al mijn halve leven hoor ik verhalen over het glazen plafond dat vrouwen tegenhoudt op weg naar de top middels een glanzende carrière. Nu ben ik van nature niet erg ambitieus, daarvoor ben ik te zeer gesteld op mijn vrijheid. Maar het idee dat er ergens boven mij een glazen plafond zweeft, maakte me toch altijd lichtelijk chagrijnig.

En nu las ik dat het allemaal nog erger is. Er is niet alleen sprake van een glazen plafond, maar van een glazen piramide! De samenleving is zo complex en heeft zoveel lagen dat vrouwen weinig kans maken daar doorheen te komen. En het glazen plafond is niet alleen slecht voor vrouwen, maar vooral voor de samenleving als geheel.

In ieder geval, dat zegt Bart van Vugt en hij kan het weten want hij is evolutionair psycholoog. Alle ellende komt namelijk van vroeger, van heel lang geleden zelfs, uit de tijden dat wij nog in holen woonden en bij de haren naar een hol werden gesleept, afgepakt van een zwakkere man. Of mogelijk inmiddels een dode.

Het is een deerniswekkend verhaal, maar ik durf het niet tegen te spreken. Dat komt omdat Van Vugt er nog iets bijhaalt en daar heb ik wel verstand van: vrouwen helpen elkaar niet, integendeel zelfs. Vrouwen zijn vaak elkaars ergste vijand.

pexels-photo-70292Op de werkvloer schijn je dan ook bijzonder weinig te hebben aan vrouwelijke collega’s als het om een voorspoedige carrière gaat. Vrouwen hebben een hekel aan vrouwelijke bazen en vrouwelijke bazen hebben een hekel aan vrouwelijke ondergeschikten, zegt Roos Vonk. Dat fenomeen staat bekend onder de naam Queen Bee. Zeker in hiërarchische relaties helpen vrouwen elkaar niet, beweert ook Van Vugt. En zonder hiërarchie geen top.

Vrouwen schijnen dan wel weer goed te zijn in leiderschap in vredestijd, zeg maar de periodes dat je weinig testosteron nodig hebt. Maar in zulke tijden vallen vrouwen niet op. Dan loopt het gewoon lekker en denkt het volk dat het zichzelf wel kan leiden. Een vrouwenquotum gaat ook niet helpen. Er is nauwelijks een zwakkere startpositie denkbaar dan aangesteld worden omdat je een vrouw bent.

Wat nu? Ik ben bang dat er geen zalf aan te strijken is. Het enige wat kan gebeuren is dat op een goed moment het glazen plafond instort omdat er zoveel mannetjes op staan. Hopelijk staan er op dat moment net geen vrouwen onder.

Godslastering

Stephen_Fry_June_2016Stephen Fry, goed voor uren kijkplezier (Blackadder!), heeft gezegd dat God egoïstisch, maniakaal en stom is. En nu hangt hem in Ierland een rechtszaak boven het hoofd. Dat is jammer, de overheid hoort zich daar niet mee te bemoeien. Wat mij betreft mag iedereen zeggen wat hij wil over christenen en over God. Waar blijft anders het open en eerlijke gesprek?

Daarbij komt dat ik Stephen Fry heel goed begrijp. Ik word vaak ook moedeloos en wanhopig van dat alomtegenwoordige kwaad, van hufters die gewoon hun gang kunnen gaan, van rotziektes die mensen slopen. Als er dan een God is, waarom doet-ie dan niks? Ik zou het echt niet weten.

Toch zit er ook een vreemde kant aan die woede. Allereerst, waarom zo boos zijn op een God die toch niet bestaat? En als God dan inderdaad niet bestaat, wordt het daar beter van? Heb je genoeg aan ‘Life ’s a bitch, and then you die’?

Ook vreemd: waar haalt Fry zijn God vandaan? Uit de Bijbel, blijkt uit zijn woorden. Goden uit andere godsdiensten zien er inderdaad heel anders uit. Die zijn almachtig maar ook willekeurig; of niet almachtig want plaatsgebonden, of gelinkt aan een bepaald gebied van het leven.

Het boeddhisme staat zelfs min of meer onverschillig ten aanzien van menselijk leed dat tenslotte veroorzaakt wordt door begeerte. Geluk is een keuze. Opmerkelijk is dat Fry wel waardering kan opbrengen voor de Griekse goden. Dat begrijp ik dan weer niet, want zij beleven nogal eens plezier aan het leed dat ze veroorzaken, en in het lot van mensen zijn ze – op een enkele held na – niet erg geïnteresseerd.

Als je je beeld van hoe God is uit de Bijbel haalt, dan zou je toch ook moeten kijken naar wat in de Bijbel staat over het kwaad. Ook als dat geen sluitende antwoorden oplevert. Dat doet Fry echter niet. Hij winkelt selectief en haalt er slechts een paar zaken uit waarmee hij God verantwoordelijk stelt voor alles wat er aan kwaad gebeurt. En dan blijft er alleen woede over. Begrijpelijke woede, maar misschien niet helemaal juist geadresseerd.

Ik stel me trouwens zo voor dat een gesprek van God met Stephen Fry – al dan niet aan de hemelpoort – verhelderend zou kunnen werken. En als Fry klaar is, zou ik ook wel willen.

Klimaat

Het was ontroerend nieuws: directeuren van Nederlandse bedrijven waren afgereisd naar de Noordpool om zelf te gaan kijken wat de klimaatverandering betekent. Wetenschapsjournaliste Bernice Nootenboom nodigde hen uit om met eigen ogen de gevolgen van de opwarming van de aarde te aanschouwen.

Vertegenwoordigers van de Rotterdamse haven, Gasunie, de NS, ING en Schiphol hadden blijkbaar niet genoeg aan de jarenlange waarschuwingen van wetenschappers en journalisten. Zichzelf ter plekke overtuigen van de ernst van de situatie was absoluut noodzakelijk. En ja hoor, het kwam aan.

Carola Wijdoogen van de NS wist er natuurlijk wel wat van af maar ‘dat het zo ongelooflijk snel gaat heeft me geraakt.’ En de man van de Rotterdamse havens wil graag de uitstoot verminderen. Samen met andere havens en rederijen, dat is logisch.

Leon Wijnands legt uit dat klimaatverandering ons allemaal aangaat en dat het opeens allemaal heel dichtbij komt als je in de buurt van de Noordpool ronddobbert. Ja, dat spreekt. Gasunie-man Ulco Vermeulen was ook heel erg onder de indruk.

Enig juiste vraag van een meereizende journalist: moet je om je dat te realiseren naar de Noordpool afreizen? ‘Nee, maar we worden in dit gebied wel met z’n allen geïnspireerd om onze best practices te delen’, zegt Wijdoogen. Dat kan blijkbaar alleen in de natuurlijke habitat van walrus en ijsbeer.

Vermeulen van de Gasunie wil graag een energietranstitie. En dat is mooi want dat willen de Groningers ook. Langetermijndoelen, daar gaat het om, zegt de Gasunie-man, en hij noemt het jaar 2030. Dat vinden de Groningers waarschijnlijk net weer wat minder.

briksdal-858340_960_720Het was zo’n glad filmpje dat ik er erge jeuk van kreeg. En terecht, want op de NOS-site las ik dat Peter Munneke de juiste snaar had geraakt bij de topmanagers, zoals ze werden genoemd: ‘De hoeveelheid gesmolten gletsjerwater krijgt hoe dan ook consequenties voor de Nederlandse economie’.
Vandaar.

Aanstootgevende Palmpasenstokken

Sinds een aantal jaren hebben christenen er onverwachte medestanders bijgekregen. Het zijn mensen die zelf geen christen zijn maar die een beetje benauwd zijn geworden van al dan niet vermeende islamitische invloeden op de samenleving.

PalmpasenMaar zoals zo vaak wanneer het onverwachte medestanders niet gaat om de kern van de zaak maar om uiterlijkheden, krijg je er alleen maar verwarring van. Dat blijkt maar weer bij het relletje rond de Palmpasenstokken. Het begon allemaal met dit bericht in het Algemeen Dagblad:
‘Protestantse en rooms-katholieke basisscholen in Den Haag zwakken het christelijk karakter van hun paasvieringen af om ouders van islamitische leerlingen te behagen.’

Natuurlijk ontplofte Twitter en het grappige is dat Twitter dat altijd doet naar twee kanten. VVD- en PVV-aanhangers maken zich boos omdat er concessies worden gedaan aan moslims ‘die zich niet willen aanpassen’. Anderen vinden dat je rekening moet houden met islamitische kinderen: ‘Kinderen tegen hun overtuiging met een kruis laten sjouwen is in geen enkel opzicht christelijk.’ En: ‘Ik vind het goed om als christelijke school het geloof niet door de strot te drukken.’ Dat was lief.

Maar waarom sturen ouders hun kinderen naar een christelijke school als ze niet willen dat het Paasfeest wordt gevierd? Of moet een school eerst beloven dat hun kinderen daar geen last van zullen hebben? Mag een vertelling nog wel, maar gaat Palmpasen te ver? Wel een kerstboom maar geen kerststal? Als een christelijke school duidelijk is over zijn identiteit, weten ouders dat van te voren. Er zijn pas problemen wanneer dat niet zo is.

Zowel pleidooien voor rustig aan doen met je identiteit en niet met van die aanstootgevende Palmpasenstokken rondlopen, als ach en wee roepen dat de christelijke identiteit verdwijnt terwijl je zelf geen voet meer in de kerk zet, missen de kern van de zaak.

Het echte probleem zit hem in het feit dat er veel christelijke scholen zijn waar het personeel hooguit de grondslag van de school respecteert. Of, zoals een van de andere twitteraars meldde: ‘Wij bezochten de christelijke school zonder ónze achtergrond te melden. Directeur schatte ons verkeerd in en zei ‘C stelt weinig voor, merkt u niks van’.’ En een ander: ‘Bij 1e kennismaking op pc school met 0% moslim zegt adjunct op onze vraag naar identiteit: maakt u zich geen zorgen, wij doen er weinig aan.’ Waarom dan nog Paasfeest vieren, vraag je je af. Ga dan alleen eieren verven.

Het lijkt mij tijd voor een algehele ruilverkaveling. Maak scholen die geen bal meer doen aan hun christelijke identiteit bijzonder neutraal. Dan kun je er daarna fijn Paassuikerholifeest gaan vieren. Als daar nog iemand op zit te wachten, tenminste.

Minderheid

Je kunt het zo gek niet bedenken of er zijn minstens twee minderheidsgroeperingen waar je bij hoort. Neem mijzelf. Ik ben vrouw, en 55plus. Ik ben niet in Nederland geboren maar in Canada, al kun je dat verder nergens meer aan zien want ik heb mijn dubbele nationaliteit al op mijn 18e moeten opgeven. Ik ben natuurlijk niet de enige. Je kunt een donkere huidskleur hebben én oud zijn, of laagopgeleid en homoseksueel, vrouw en gehandicapt, man en oud en blank en laagopgeleid. En dan heb ik religie en levensbeschouwing nog achterwege gelaten.

Het onderverdelen in groepen is een nationale sport geworden. Het resultaat is dat iedereen tot een minderheidsgroepering behoort, zelfs de boze witte man, want zoveel boze witte mannen hebben we nou ook weer niet. Veel helpt het allemaal niet, dat opdelen in groepen. Tot nu toe is het resultaat vooral dat mensen elkaar verbaal te lijf gaan en elkaar verketteren. Er ontstaat langzamerhand een verongelijkt sfeertje in dit land, met allemaal tekortgedane, gediscrimineerde, gekwetste en beledigde mensen. Groepsdenken versplintert de samenleving en zet mensen tegen elkaar op.

De zwart-wit-tegenstelling qua huidskleur valt het meeste op omdat daar zeer eloquent aandacht voor wordt gevraagd op tv en – is mijn inschatting – omdat je goede sier kunt maken met ‘aan de goede kant staan’. Zo moeilijk is dat immers niet, gewoon een kwestie van de juiste woorden kiezen. De tegenstelling tussen hoog- en laagopgeleid is al een heel ander verhaal. Deels omdat dit onderscheid noodzakelijkerwijs gemaakt moet worden als het om werk gaat. Maar ook omdat hoog- en laagopgeleid elkaar niet veel meer tegenkomen. Deze tegenstelling kon wel eens het meest problematisch worden.

De tegenstelling man-vrouw is soms een kwestie van eigen schuld, dikke bult. Geloof die Mars-Venus-verhalen dan ook niet, en de idiote scheiding die vanaf de geboorte van een kind wordt gemaakt tussen blauw en roze – zowel in kleding- als in speelgoedwinkels – kun je eenvoudig vermijden. En verder: geen fulltime baan is minder kans op een glanzende carrière. Wat wel beter kan: ruimhartig vaderschapsverlof. Daarnaast moeten mannen eens verder kijken dan hun neus lang is als het om kwaliteit gaat. En vrouwen zouden eens iets minder elkaar ergste vijand kunnen zijn.

Er is nog een vervelende kant aan dit groepsdenken verbonden en dat is het slachtofferschap. Niet omdat alles eigen schuld is, wel omdat slachtofferschap steeds meer de identiteit van de groep dreigt te bepalen. Geen mens die daar uiteindelijk iets aan heeft. Slachtofferschap maakt zwak en versterkt ressentiment en onbehagen. Alleen dat al zou voldoende moeten zijn om dat hele groepsdenken wat minder serieus te nemen.

Populisme

Het buitenland haalt opgelucht adem. De Nederlandse Trump is niet aan de macht gekomen, het populisme heeft het Nederlandse volk niet in zijn macht gekregen. Driewerf hoera voor de Lage Landen!

Maar dat staat nog te bezien. Want wat is er intussen wel gebeurd? De VVD is verrechtst (ik wist niet dat dat nog kon!) en een lightversie geworden van de PVV. Alles voor het goede doel, en dat is de VVD zelf. Het gejuich over de afgang van het populisme kan dus wat mij betreft meteen weer verstommen.

nietgekdoenTweede gruwel: de campagne. Tartte de VVD met de vorige verkiezingen de kiezer nog met tenenkrommende posters met teksten als: ‘Niet hand ophouden maar handen uit de mouwen’, inmiddels leek de partij ervan uit te gaan dat de gemiddelde kiezer slechts een woord per zin kon lezen. Normaal. Doen.

Er zal best hogere communicatiekunde achter de campagne schuilen. Maar met deze slogan laat de VVD toch vooral zien dat ze óf de kiezer niet serieus neemt, óf met name kiezers op het oog heeft die qua IQ familie van de goudvis zijn.

In ieder geval leek de kiezer het geheugen van een goudvis te hebben: gemiddeld drie seconden. Wie stemt er met zijn volle verstand op een partij die je eerst de prijs van de crisis laat betalen, je daarna vertelt dat als je nu maar gewoon je handjes laat wapperen, alles wel weer in orde komt? En al raakt dat jezelf niet, dan kun je er toch bij stilstaan dat dat bij anderen wel het geval kan zijn?

Nee, de VVD heeft het populisme niet tegengehouden, het heeft het omarmd, en dat is niet eens iets van de laatste maanden. Daar is die partij in de jaren ’90 al mee begonnen, met ‘gewoon jezelf kunnen zijn’ van Ed Nijpels. En daarna met de markthysterie van Annemarie Jorritsma. De beloftes dat de burger ervan zou profiteren, zijn nooit waargemaakt en dat gaat ook niet gebeuren. En als de kiezer daar na dertig jaar nog niet achter is, dan is deze verkiezingsuitslag zijn verdiende loon. Jammer alleen dat niet-VVD-stemmers er onder moeten lijden.

Keuzestress

Ik heb keuzestress. Ik heb altijd keuzestress vlak voor de verkiezingen, maar het is nog nooit zo erg geweest als nu.

Er zijn een aantal politieke partijen die geen aandeel hebben in mijn keuzestress. Zoals de PVV, Forum voor Democratie en dergelijke. Een uitzondering maak ik voor de VVD. Niet dat die partij op mijn lijstje van kanshebbers staat. Wel omdat hij hoog in de peilingen staat, en omdat ik inmiddels een ernstige allergie heb ontwikkeld voor Halbe Zijlstra.

Ik verplaats me na een VVD-praatje altijd maar even in een werkloze 55-plusser die vandaag op de radio heeft gehoord dat er werk genoeg is en dat zijn WW-uitkering opnieuw korter gaat duren. Immers, werk moet lonen! Een werkloze met twee kinderen krijgt nu evenveel als een politieagent, zegt meneer Zijlstra. Ja, dat klopt. Maar aan welke kant zit het probleem dan eigenlijk, meneer Zijlstra?

Daarnaast moet deze 55-plusser aanhoren dat ‘we allemaal’ hebben geleden onder de crisis maar dat ‘we’ nu weer gaan profiteren. Waarvan, zal hij of zij zich afvragen. Hoort hij of zij überhaupt wel bij ‘wij’? En ook als je nu denkt dat je wel bij ‘wij’ hoort, moet toch ergens de angst knagen dat dit zomaar weer kan veranderen.

Voeg daarbij de brutale claim dat het kabinetsbeleid de crisis heeft gekeerd, en mijn bloeddruk stijgt tot ongekende hoogte. Maar genoeg over de VVD. Want was dit maar mijn enige stressfactor. Ik hoef straks alleen maar NIET het rondje voor een VVD-politicus rood te maken. Grote vraag is welk rondje dan wel.
question-mark-1084522_960_720Al weken zweef ik. Ik lees partijprogramma’s, vul stemwijzers in en kom de ene keer bij heel enge partijen uit, de andere keer bij meer mainstream clubs. Ondertussen nadert 15 maart met rasse schreden.

Ik ga hier dus alleen niet uitkomen. Wat ik daarom graag zou willen: Stemtinder, net als vorige keer. En dan met alle mensen die op de lijst staan, niet alleen de lijsttrekkers. Dan kan ik lekker populistisch bepalen wie mijn stem krijgt.