Koken of sport?

Zap alle Nederlandstalige tv-zenders langs en wat zie je? Koken of sport.
Wat de ene helft van Nederland eraan eet, sport de ander er weer af, lijkt het wel.

Allereerst is daar tennis. Onmiddellijk herkenbaar aan gravel met witte strepen, een pok-pok-pok-geluid en, in geval van damestennis, “Aaaargh!” of “Ahhhhg”. Daarnaast is de puntentelling onbegrijpelijk en het spel zelf dodelijk saai.

Verder kun je zeker op prime-time geen zender passeren zonder een heel scherm vol voetbalkenners te hebben gezien. In een mij volstrekt onverstaanbaar jargon bespreken mannen van middelbare leeftijd de kansen van het Oranje-elftal.

Nog erger is dat de reclameblokken, die toch al op zijn best een noodzakelijk kwaad zijn, bijna niets anders meer laten zien dan spullen die met de EK te maken hebben. Met name supermarkten doen hun uiterste best de milieuvervuiling een handje verder te helpen met tonnen aan oranje plastic rommel, voorzien van wegwerpbatterijen.

En na het EK komen de Olympische Spelen. Een project dat meer geld verspilt en dat door nog grotere graaiers wordt geleid, moet nog uitgevonden worden. Sinds de triomfen die het Bavaria-jurkje in Zuid-Afrika vierde, putten de bobo’s zich uit in het beschermen van de grote brouwerijen en andere multinationals die waar voor hun reclamegeld willen. Ach gut, dat verlies je toch…

Het kan best zijn dat ik nog meer grote sportevenementen heb gemist, maar deze zijn onontkoombaar.

Dan het koken. Misselijk word ik ervan, al die programma’s met een wedstrijdje koken. Ik kan niet nagaan of de chef-kok gelijk heeft. Had de vis echt nog een citroentje nodig? Was de tagliatelle inderdaad te gaar? Wat een gezever om niks.

Nog erger wordt het als met de klok op het scherm binnen 20 minuten een complete maaltijd op tafel moet worden gezet. Dan zie je van die arme stakkers die van haast en zenuwen bijna hun vingers eraf snijden. Al doen ze het zichzelf aan natuurlijk.

Alleen Jamie Oliver mag nog van mij, maar dat zal deels komen door de moedergevoelens die hij bij me wakker roept. Zo’n leuk ventje! En alles lekker vers!

Voor een ding ben ik de KRO hondsdankbaar: op elke voetbalavond zendt zij een Engelse detective uit. De KRO heeft voor mij nu al het hele sportseizoen gewonnen.

Sport

De beeldbuis staat deze dagen weer bol van de sport. Was er al geen ontkomen aan de Tour de France, nu komt de Vierdaagse van Nijmegen daar nog bij.

Elke avond praat de Hogepriester van het Wielrennen ons bij over afdalingen, demarreren, sprinten, valpartijen met of zonder prikkeldraad en allerlei kleuren truien. Hoe gek moet je zijn om daaraan mee te doen?

En dan de Vierdaagse. In de regen lopen, in de brandende zon, met zoveel blaren dat je voeten er onder verdwenen zijn, en dat alles voor een bosje gladiolen. Ga naar de bloemist en koop ze zelf!

Ik hoef het al niet meer te bekennen, ik heb niets met sport. Reeds als basisschoolleerling was de gymzaal niet aan mij besteed. Als laatste worden gekozen bij het vormen der groepen was maar een van de redenen. Mijn hoogtevrees speelde mij parten bij dat vreselijke rek dat gelukkig meestal veilig stond ingeklapt tegen de muur, bij de ringen en het touw. Zinloos rondjes lopen ‘om op te warmen’ en achterlijke balspelletjes deden de deur dicht. Wat een idioot gedoe!

Op de middelbare school werd het niet beter maar toen had ik in ieder geval eens per maand een geldig excuus van de lessen weg te blijven. Mijn leraar gym had geheugenproblemen, ontdekte ik al snel en daarom schroefde ik de afwezigheid wegens vrouwelijke kwalen al snel op tot tweemaal per maand. Verder durfde ik niet te gaan.

Waarom iemand voor de lol zich helemaal uit de naad rent, fietst als een bezetene omdat hij per se twee seconden sneller wil fietsen dan de vorige keer… ik begrijp het niet.
Het gevecht met jezelf winnen, hoorde ik eens als verklaring. Hè? Waarom zou je?

Lui op de bank liggend met een glas wijn binnen handbereik bekijk ik al die stumpers die in gevecht zijn met zichzelf. Op je gezondheid!