Specifiek

Regelmatig duiken er woorden op die opeens door bijna iedereen op een nieuwe manier worden gebruikt. ‘Specifiek’ is er zo een.

“Ik bedoel specifiek die kleur,” hoor je iemand zeggen. Of: “Welke dingen bedoelt u specifiek?” Ze bedoelen natuurlijk ‘precies’ of ‘speciaal’. Maar specifiek zal wel net iets specifieker klinken.

Significant is ook zo’n woord. Ik herinner me nog waar het voor het eerst verkeerd werd gebruikt: in een reclamespotje. “Huppeldepup wast significant schoner,” zei een zelfverzekerde man tegen een onzekere huisvrouw. En toen was het geloofwaardig.

Het is een woord uit de wereld van de statistiek maar blijkbaar vond een reclameman op een goede dag dat het interessant en overtuigend genoeg klonk om gebruikt te worden voor het aanprijzen van een wasmiddel.

Specifiek en significant komen tegemoet aan de behoefte bijzondere woorden te gebruiken. Iedereen speelt immers de hoofdrol in zijn eigen talkshow. Vraag the man in the street wat hij vindt van willekeurig welk onderwerp en zodra er een camera in de buurt is, rolt er meteen een aantal volzinnen uit zijn mond. In ieder geval, dat is de bedoeling. Want meestal verslikt the man in the street zich in spreekwoorden en grammatica.

Een andere oorzaak van significant en specifiek is het gebruik van superlatieven. Gewoon leuk is niet leuk genoeg, het is superleuk. Ook vaak gehoord: uniek! Je bedoelt leuk en niet ‘enig in zijn soort’ maar je zegt uniek. En over een tijdje ben je misschien wel significant unieker dan hun.

Het kan best zijn dat dit over een jaar of tien Algemeen Beschaafd Nederlands is geworden. Je weet het niet. Taal is dynamisch, het kan altijd nog erger.