Participatie

De culturele integratie hapert, zegt vicepremier Lodewijk Asscher. En om die integratie te bevorderen, moet iedere immigrant een participatiecontract tekenen waarmee de Nederlandse normen en waarden worden aanvaard. Goede probleemanalyse, foute oplossing.

Om met het probleem te beginnen: inderdaad, soms vraag je je af in welk land je woont. Homo’s kunnen in bepaalde wijken in Amsterdam niet hand in hand lopen. Niet vanwege afkeurende blikken maar vanwege dreigend lichamelijk geweld.

Vrouwen worden weer steeds vaker op allerlei manieren lastiggevallen, nagesist op straat en geïntimideerd. Joden kunnen in sommige delen van Amsterdam beter geen keppeltje dragen, op gevaar te worden uitgescholden of zelfs aangevallen.

Daar helpt maar één ding tegen: aanpakken. Pakkans vergroten, aangiftes serieus nemen, meer tijd en energie steken in opsporing, en straffen. Want alles wat Asscher wil laten ondertekenen, is allang bij wet geregeld.

Zijn participatiecontract roept meer vraagtekens op. Want wat zijn die Nederlandse normen en waarden eigenlijk? En maakt het nog iets uit of je in een klein dorpje woont van orthodox-christelijke signatuur, in een Amersfoortse buitenwijk of in een oude wijk in Rotterdam? Wat is het echte Nederland?

Of is iedere Nederlander verplicht de overtuiging aan te hangen dat vrouwen gelijk zijn aan mannen, dat homo’s dezelfde rechten hebben als hetero’s? Nee, en dat is maar goed ook. Vrijheid van geweten hebben we namelijk al sinds 1579 en dat zou ik persoonlijk graag zo willen houden.

Het enige wat je zou moeten duidelijk maken is dat die vrijheid van geweten voor iedereen geldt. Wil je hier wonen? Van harte welkom, maar iedereen is vrij zijn of haar overtuiging te kiezen. Het treurige is juist door het invoeren van een participatiecontract die vrijheid van geweten wordt bedreigd.

Het probleem is niet dat niet iedereen er dezelfde meningen op nahoudt, het probleem is dat te veel mensen niet accepteren dat dat zo is. En daar verhelpt geen enkel participatiecontract iets aan.